Eerder schreef ik al over het interview met hoogleraar Joep Dohmen dat verscheen in Flow nummer 4 van 2016, waarin hij uiteenzette hoe we volgens hem een geslaagd leven kunnen leiden. Als emeritus hoogleraar Wijsgerige en praktijkgerichte ethiek (Universiteit voor Humanistiek) lijkt hij verstand te hebben van ‘de kunst van het leven’. Toch stonden er in het Flow-artikel zoveel zaken die mij verbaasden, dat ik er na één blog nog niet over uit was geschreven. Meer dus over dat ‘geslaagde leven’…

Zonder context

Als een interview uiteindelijk uitgewerkt en al in een tijdschrift verschijnt, is het natuurlijk slechts een weergave van het oorspronkelijke gesprek. Ik ga ervan uit dat de geïnterviewde (in dit geval Dohmen) zijn of haar goedkeuring aan het stuk heeft gegeven, maar desondanks kan het best zijn dat er passages in staan die toch enigszins van hun originele context zijn ontdaan. Wellicht dat de geïnterviewde én de interviewer zich hier niet van bewust zijn doordat zij allebei het volledige gesprek hebben meegemaakt en dus onbewust de gedrukte informatie aanvullen met dat wat misschien is weggelaten. Of dit fenomeen nu wel of niet speelt in het bewuste artikel, ik struikelde over een aantal punten. Het meest opvallend vond ik de opvatting van Dohmen zoals die uit het verhaal naar voren kwam over wat een ‘authentiek leven’ is.

Authentieke aanpassing

De interviewer vraagt ‘wanneer de reis geslaagd is’. Dohmen antwoordt:

Het gaat erom dat je een authentiek leven leidt. Daarmee bedoel ik dat het aansluit op datgene wat in onze samenleving van belang is.

Zijn tweede zin verbaasde mij nogal; ik had altijd gedacht dat authenticiteit helemaal niet per se aan hoeft te sluiten op dat wat in de samenleving van belang is! Uit nieuwsgierigheid zocht ik de term daarom op internet op. Wiki meldt:

Authenticiteit is een technische term in de existentialistische filosofie. In deze filosofie wordt het bewuste zelf gezien als iets wat een adequaat begrip moet vormen van het zijn in de materiële wereld en van het omgaan met externe krachten en invloeden die erg verschillend en anders zijn dan zichzelf. Authenticiteit is de mate waarin iemand trouw is aan zijn eigen persoonlijkheid, geest, of karakter, ondanks deze externe impulsen.

Stine Jensen en Rob Wijnberg zeggen in ‘Dus ik ben’ het volgende over authenticiteit:

Wanneer we iemand authentiek noemen, bedoelen we daar vaak mee dat die persoon eerlijk en oprecht overkomt.

Jezelf zijn, maar dan anders

In de epiloog van hun boek halen zij eerst existentialisten als Heidegger en Sartre aan, die authenticiteit vooral zagen als non-conformisme: mensen moesten volgens hen niet alleen ‘zichzelf’, maar liever zelfs ‘anders’ (dan anderen) zijn. Vervolgens vermelden Jensen en Wijnberg de opvattingen van filosoof en psycholoog Erich Fromm, die ook oprechtheid als een belangrijk kenmerk van authenticiteit beschouwt. Dit betekent dat alle vormen van denken en handelen authentiek kunnen zijn – dus ook als ze samenvallen met de heersende waarden en normen. Waar het volgens hem om draait, is dat de gedachten en handelingen in kwestie echt persoonlijk doordacht en gemeend zijn. Al met al lijkt het erop dat een authentieke mening samen kán vallen met de geldende maatschappelijke visie. Een dergelijke overlapping is echter geen voorwaarde voor authenticiteit, integendeel.

Ook in taalkundig opzicht duidt het woord authentiek overigens bepaald niet op ‘je aanpassen’. Niet voor niets zijn onder andere oorspronkelijk, origineel, zuiver en eigenwijs synoniemen voor dit woord.

Een leeg begrip

Dohmen noemt in dit kader ook de Canadese maatschappijfilosoof Charles Taylor, die zegt dat authenticiteit vandaag de dag vaak ontaardt omdat het te veel naar binnen slaat. Jensen en Wijnberg halen deze filosoof ook aan. Zij merken daarbij wel op dat de visie van Taylor genuanceerder is dan dat, hoewel ook hij erkent dat de term authenticiteit, bij gebrek aan een ‘betekenishorizon’, tegenwoordig een leeg begrip is:

Die angst voor een overmatige cultivering van het zelf is wel begrijpelijk, zegt hij, maar moet ook niet overdreven worden. Narcisme, egocentrisme en relativisme zijn namelijk slechts uitwassen van waarden die wel degelijk zeer belangrijk zijn, zoals individualiteit, authenticiteit en zelfontplooiing, aldus Taylor. Dat het individualisme nu uitsluitend wordt geassocieerd met moreel verval en pure zelfbevrediging is eenzijdig. Het individualisme is namelijk voortgekomen uit een verlangen naar een authentiek leven

[…] dat gebaseerd was op een hoger ideaal. Cultivering van het zelf stond in dienst van dat ideaal – en was in die zin dus niet ‘egoïstisch’ of ‘narcistisch’.

Dohmen wijst ‘plat genieten’ en ‘kaal hedonisme’ af aangezien authenticiteit volgens hem ook dialoog en horizon vereist. Naar zijn mening kunnen we geen authentiek leven leiden als we alleen maar golfen, bridgen en tennissen: we moeten ook dingen doen die ‘tellen in deze wereld’. Bij dit laatste denkt hij aan zaken als iets doen aan de armoede, de vluchtelingen of de gezondheid van anderen.

Individuele reis naar gezamenlijkheid

Ik snap hoe Dohmen zich heeft laten inspireren door het communitarisme van Taylor, maar kijk zelf toch anders tegen authenticiteit aan. Ik heb moeite met de manier waarop hij de term ‘authenticiteit’ zodanig oprekt dat hij een zekere vorm van aanpassing gaat inhouden. Naar mijn idee druist dat volledig in tegen de betekenis van het begrip.

Als ik op dit punt van mijn bestaan het gevoel heb dat het ‘goede leven’ voor mij bestaat uit bridgen, golfen en tennissen en daar ook naar leef, dan is dat voor mij misschien wel de meest authentieke levensinvulling – op dit moment. Uiteraard is het heel goed mogelijk dat ik op den duur zal ervaren dat dit, zoals Dohmen aangeeft, leidt tot ‘een enorme verveling en uitholling’. Wanneer ik dit punt bereik, zal ik dat echter op mijn eigen, authentieke manier vaststellen en beleven. En totdat ik eraan toe ben om op zoek te gaan naar een ‘betekenishorizon’, heb ik eerst misschien nog wel een tijdje – vreselijk individualistisch! – mijn handen vol aan mezelf.

Dohmen zegt:

Het goede leven is geen individuele reis, maar een Gesamtkunstwerk.

Het leven als Gesamtkunstwerk… wat mij betreft een prachtige gedachte. Maar ik denk niet dat ik het mogelijke bestaan van een dergelijk gezamenlijk kunstwerk had kunnen erkennen als ik niet eerst (een stukje van) mijn individuele reis had gemaakt…